Canadees rondetalent doet aan IJshockey

Toekomstige tourwinnaar achter de puck? "IJshockey is de perfecte sport om atletisch talent te vinden." Steve Bauer wil een toekomstige Canadese kampioen kweken voor de Ronde van Frankrijk. De oprichter van Team Spidertech (Pro Continentaal) begint zijn zoektocht naar talenten onder de noemer 'Bauer Power Line'. Bauer verwacht zijn kampioen opvallend genoeg te gaan vinden in een IJshockeyring.

Door: Fons Vaneker.

Bauer begon zelf ooit als IJshockeyer maar werd uiteindelijk profrenner. Hij stond onder andere bij La Vie Claire (Hinault, LeMond) en Motorola (Armstrong) onder contract. Zijn hoogtepunt beleefde hij tijdens de Ronde van Frankrijk van 1988. Hij won tijdens die ronde een etappe, droeg in totaal vijf dagen de gele trui en werd vierde in het eindklassement.

Heerser in IJshockey is dwerg in wielrennen
IJshockey is dé volkssport in Canada. En ze zijn er goed in. Een gouden plak tijdens de Olympische Winterspelen van 2010 in eigen land is een recent voorbeeld. Een greep uit het verleden bevestigt de hegemonie van het Noord-Amerikaanse land: in precies de helft van alle Wereldkampioenschappen IJshockey was Canada de sterkste. Op de Olympische Spelen was het succes verhoudingsgewijs nog groter: veertien deelnames, acht keer goud. Wat wielrennen betreft is Canada minder befaamd. Het land is vorig jaar enigszins in aanzien gestegen, dankzij de toevoeging van de grote prijzen van Quebec en Montreal aan de kalender van de UCI ProTour (inmiddels WorldTour).

Het aantal Canadezen dat opvalt in Europese wielerwedstrijden is op één hand te tellen. Ryder Hysjedal werd zevende in de Ronde van Frankrijk van vorig jaar en Svein Tuft liet de Canadese tijdrittrui goed zien in de proloog van de ENECO Tour. Voor het verleden geldt: echt grote namen zijn er niet. Maar als het aan Bauer ligt gaat Canada in de toekomst wel een rol spelen. "We geloven dat er een potentiële Tourwinnaar te vinden is in de Canadese IJshockeyringen, we moeten hem alleen nog vinden. Er zijn 5000 IJshockeyspelers in de leeftijdscategorie tussen de 13 en 19." Het Bauer Power Line-programma moet deze groep warm maken voor de wielersport.

IJshockeyers en wielrenners hebben overeenkomstige spierontwikkeling
Wie wel eens IJshockeyers op televisie bezig heeft gezien, ziet weinig overeenkomsten met wielrenners. De spiermassa die leidt tot een misleidende BMI (Body Mass Index) zal een nadeel zijn als de atleet op de fiets gaat zitten. Zeker wanneer deze de Alpen of Pyreneeën over moet. Bauer: "Het moge duidelijk zijn dat profijshockeyers geen profrenners zijn. Maar van die 5000 jonge IJshockeyers komen er maar erg weinig in de National Hockey League (NHL) terecht. We willen vijf tot negen talenten vinden in deze enorme groep. Ik ben er zeker dat er een aantal jongens zijn die een betere genetische aanleg hebben voor wielrennen dan voor IJshockey. Het eindresultaat van het opleidingsproces richting NHL – resulterend in grote profsporters – heeft hier weinig mee te maken."

Bauer benoemt de spieren die de drijvende kracht achter beide sporten vormen: "De quadriceps, de hamstrings, de gastrocnemius, de soleus, de gluteus en de rugspieren." Nog een overeenkomst: "Melkzuurtolerantie is belangrijk bij IJshockey. Melkzuurtolerantie is ook belangrijk bij wielrennen." Bauer stelt dat het voor Canadese jongens van twaalf jaar of jonger praktisch onmogelijk is om in wedstrijdverband te wielrennen. "Een jaartje of zes, zeven al IJshockeyend bezig zijn om de juiste spieren te ontwikkelen en daarnaast een goed gevoel krijgen voor discipline en samenspel is ook een goede voorbereiding om wielrenner te worden."

 



publicatiedatum: 10-02-2011