1947: Jean Robic slaat pas in de laatste rit verrassend zijn slag

Hoewel er in 1942 een Omloop van Frankrijk werd georganiseerd, die gewonnen werd door de Belg Frans Neuville, kon je toen toch niet echt over een Tour de France spreken. Deze wedstrijd was een doodgewoon surrogaat, mede door de beperkte deelname van uitsluitend Fransen en Belgen.
Direct na de oorlog werd er al weer gesproken over de Tour, maar de economische situatie leende zich niet voor een dergelijk evenement. In 1946 probeerden enkele slimme jongens het petekind van l'Equipe over te nemen. Men organiseerde een zogenaamde "ersatzronde" van Bordeaux naar Grenoble. Het initiatief werd een groot fiasco, ondanks de deelname van een sterke Italiaanse ploeg, waarvan ook eindwinnaar Giulino Bresci deel uit maakte. Nog hetzelfde jaar pakte ook Jacques Goddet, de schoonzoon van de in 1940 overleden Henri Desgrange, uit met een "ersatzronde". In vijf ritten gingen de renners van Monaco naar Parijs, waar de Franse Griek Apo Lazarides als winnaar werd gehuldigd.
In 1947 werd pas de eerste echte Tour de France na de Tweede Wereldoorlog georganiseerd. Er gingen vijf landenploegen van start en vijf gewestelijke Franse ploegen. Er stonden heel wat nieuwe gezichten aan de start van deze eerste na-oorlogse Tour, waaronder de Zwitser Ferdi Kübler, die de eerste etappe op zijn naam bracht. Al op de tweede dag verloor Kübler de gele trui en zijn opvolger was de veteraan René Vietto. Na een solo van honderddertig kilometer slaagde Vietto erin om de Belgen in hun eigen Brussel een les te lezen. In een verschrikkelijk hete derde rit moest Vietto zijn trui verdedigen en hij kreeg het daarbij zwaar te verduren. In de rit naar Straatsburg deed Jean Robic voor de eerste keer van zich spreken. De iele Fransman won de rit en in de eerste Alpenrit naar Grenoble herhaalde hij dat succes. Met een voorsprong van viereneenhalve minuut op Pierre Brambilla won Robic de rit en in het algemeen klassement was hij daardoor opgeschoven naar de vierde plaats. Vietto kon zich in die etappe niet meer handhaven en hij moest zijn gele trui afstaan aan de Italiaan Ronconi. De achterstand van Robic was echter nog altijd zeven minuten.
Wie gedacht had, dat Vietto definitief kon worden afgeschreven, had zich schromelijk vergist, want in rit van Briançon naar Digne kwam de taaie Fransman weer naar voren en met hulp van Apo Lazarides heroverde hij de gele trui. Robic verspeelde in die etappe ruim zes minuten en toen de Italiaan Camellini de volgende dag opnieuw een slagveld aanrichtte, raakte de grimmige Breton nog verder achterop. Zijn achterstand bedroeg inmiddels al meer dan vijfentwintig minuten en niemand gaf nog een frank voor de kansen van Robic. "En toch win ik deze Tour", hield Robic hardnekkig vol.
In de Pyreneeënetappe van Luchon naar Pau gaf de kleine Robic een gave demonstratie. Hij kwam als eerste boven op de Peyresourde, de Aspin, de Tourmalet en de Aubisque en arriveerde als ritwinnaar in Pau, waar Vietto met een achterstand van elf minuten binnenliep. Het had er zelfs op geleken, dat hij zijn gele trui zou verspelen aan Pierre Brambilla, maar in de slotfase wist hij dat nog te voorkomen.
Enkele dagen later kreeg Vietto in een tijdrit, die eventjes 139 kilometer lang was, een fatale inzinking. De Belg Raymond Impanis won de rit tegen het uurwerk, maar ook Pierre Brambilla deed een goede zaak. Hij werd de nieuwe klassementsleider met 53 seconden voorsprong op Ronconi en bijna drie minuten op Jean Robic. De grootste verrassing zou in de laatste rit van Caen naar Parijs opgetekend worden. Honderddertig kilometer voor Parijs, op de lange helling van Bonsecours nam Robic het initiatief en Brambilla kon hem slechts met moeite volgen. Plots versnelde Eduard Fachleitner, die als vijfde stond geklasseerd. Als een schicht schoot hij voorbij en Robic kon nog net aanpikken. Brambilla verloor steeds meer terrein en werd uiteindelijk afgeslacht door het duo Robic-Fachleitner. Meer dan zestien minuten verspeelde de Italiaan op Robic, die in het volgeladen Parc des Princes een ovationeel applaus kreeg en gehuldigd werd als eerste na-oorlogse Tourwinnaar.
Klik hier voor een portret van Jean Robic
publicatiedatum: 19-03-2003
|