|
2000: Lance Armstrong slaat in eerste bergrit toe

Na zijn verrassende overwinning in de Tour van 1999 werd Lance Armstrong in 2000 uiteraard ook gerekend tot de favorieten voor de eindzege. Jan Ullrich was er deze keer ook bij en was samen met Marco Pantani de grootste uitdager van de Amerikaan. Twintig ploegen met in totaal 180 renners van 25 verschillende nationaliteiten gingen in Futuroscope van start. Ditmaal niet met een proloog, maar met een heuse tijdrit over 16,5 kilometer.
Lance Armstrong was erop gebrand om zijn stunt van 1999, de winst in de proloog, te herhalen, maar daar stak de Brit David Millar een stokje voor. De Cofidis-renner was precies twee seconden sneller dan de US Postal-renner en hij mocht dus de eerste gele trui aantrekken in deze 87e Tour de France. Met Millar won wel een buitenbeentje, want de Brit groeide in Hongkong op en reed pas op zijn achttiende zijn eerste wielerwedstrijd. Dat de tweede en de derde rit in een massasprint eindigden, speelde Millar volledig in de kaart. Zo kon hij drie dagen pronken in de gele trui. Twee dagen op rij was de Belg Tom Steels trouwens de snelste in de massasprint. De 70 kilometer lange ploegentijdrit van Nantes naar Saint Nazaire zette het klassement uiteraard wel op z'n kop. De Spaanse Once-ploeg, met Jalabert en Olano als gangmakers was 46 seconden sneller dan de ploeg van Lance Armstrong, terwijl de Telekom-ploeg van Jan Ullrich bijna anderhalve minuut prijs moest geven. Laurent Jalabert mocht voor de tweede maal in zijn loopbaan de gele trui aantrekken.
In de vijfde etappe was Erik Dekker met de Duitser Jens Voigt in de finale overgebleven van een kopgroep van vijf renners. Pas 400 meter voor de streep werden de twee vluchters ingelopen en in de daaruit voortvloeiende massasprint was de Duitser Marcel Wüst, getooid in de bolletjestrui, het snelste.
In de zesde etappe bezorgde Leon van Bon de strijdlustige Rabobankploeg dan toch een ritzege. Van Bon was samen met ploegmaten Markus Zberg en Marc Wauters attent meegesprongen, toen na 14 kilometer twaalf renners onder aanvoering van Jacky Durand er vandoor gingen. Gele truidrager Laurent Jalabert stond op dat moment een plasje te doen en verspeelde daardoor de gele trui aan de Italiaan Alberto Elli. Met nog ruim 180 kilometer voor de wielen voelde het peloton er niets voor om zo vroeg al de achtervolging in te zetten en daardoor konden de dozijn koplopers uitlopen tot bijna dertien minuten. Toen vond de Once-ploeg het welletjes en werd het tempo in de groep opgeschroefd, maar dat was te laat. De koplopers bleven buiten schot en in de sprint was Nederlands kampioen Leon van Bon de snelste.
De Tour was duidelijk in de fase terecht gekomen, dat geen enkele ploeg het gewicht van de wedstrijd op z'n schouders wilde nemen. De Fransman Christophe Agnolutto had dat ook door en waagde in de 7e rit een solovlucht van 130 kilometer, die hem de verdiende ritzege opleverde. En ook in de 8e rit was het woord aan de durvers. Erik Dekker, die in deze Tour al twee keer naast de ritzege had gegrepen, ging vanaf de start in de aanval. En na vijftig kilometer viel de beslissing, toen een kopgroep van 17 renners de zegen kreeg van het peloton. Naast Dekker zaten er ook Jan Boven en Bart Voskamp bij. Dekker demarreerde dertig kilometer voor de finish opnieuw en niemand van de zestien gezellen was bij machte om de sterke Drent te achterhalen. Met een voorsprong van 52 seconden pakte Erik Dekker eindelijk de dik verdiende etappezege. Als klop op de vuurpijl mocht hij ook nog de bolletjestrui aantrekken. Voordat de renners de Pyreneeën introkken, pakte Paolo Bettini de laatste ritzege in een vlakke etappe.
In de eerste bergrit van Dax naar Lourdes Hautacam zette Lance Armstrong even de puntjes op de i. Hij reageerde niet toen Jacky Durand, Nico Mattan en Javier Otxoa al na 50 kilometer er vandoor gingen. Het trio pakte zeventien en een halve minuut voorsprong op het peloton, waar niemand zich druk maakte om de vluchters. In de beklimming van de Marie-Blanque moest Durand als eerste afhaken. Ook Mattan verloor wat terrein op de sterk klimmende Otxoa, maar in de afdaling kwam de Belg weer terug bij de Kelme-renner. Op de Col d'Aubisque moest Mattan opnieuw passen en op de top van deze beruchte Pyreneeën-reus telde hij al een achterstand van 4 minuten op Otxoa. In deze beklimming kwam er in het peloton eindelijk ook wat beweging. Eerst ging José-Maria Jimenez in de achtervolging en toen hij het gezelschap kreeg van onder andere Escartin, Heras, Beloki, Beltran en Aerts werd het echt serieus. Zeker toen ook Richard Virenque de sprong naar deze groep kon maken. Op de top van de Col de Soulor passeerde Otxoa nog steeds als eerste met bijna vijf minuten voorsprong op Mattan en negen minuten op de groep Virenque. De eerste renners van het peloton telden daar nog een achterstand van elf minuten.
In de beklimming naar Hautacam kwam dan eindelijk de verwachte aanval van Marco Pantani. Tien kilometer onder de top versnelde de Italiaan en alleen Alex Zülle en Lance Armstrong konden hem nog volgen. Dat was voor Armstrong het sein om de aanval over te nemen. Met de kleine versnelling reed hij bij Zullen en Pantani weg en nadat hij eerst Mattan inhaalde, kwam hij ook nog voor de finish bij de groep Virenque. De dappere Javier Otxoa bleef met een voorsprong van 43 seconden buiten schot en behaalde zijn mooiste overwinning uit zijn loopbaan. Maar Lance Armstrong was de grote winnaar van de dag, want hij nam de gele trui over van Alberto Elli. Bovendien nam hij met zijn indrukwekkende manier van koersen meteen een optie op de eindzege, want Jan Ullrich keek al tegen een achterstand aan van ruim vier minuten.
Na de enige Pyreneeënrit kregen de renners overgangsetappe naar Revel met vijf cols van derde en vierde categorie voorgeschoteld. En opnieuw ging Erik Dekker al vroeg in de aanval. Na vijftien kilometer gaf de Raborenner het sein voor de aanval en alleen de Colombiaan Santiago Botero haakte zijn wagonnetje aan. Met z'n tweeën reden ze meer dan 200 kilometer op kop. Met name in de beklimmingen toonde Botero zich de sterkste, maar Dekker klampte aan. Ook een aanval van de Colombiaan op de slotklim de Saint-Ferréol werd door Erik Dekker gepareerd, waarna de Drent in de sprint geen moeite had om Botero naar de tweede plaats te verwijzen. Daarmee pakte Erik Dekker al zijn tweede ritzege in deze Tour.
Na de rustdag in Carpentras kregen de renners in de 12e rit de Mont Ventoux voorgeschoteld. Exact 33 jaar, nadat Tommy Simpson op de flanken van de reus van de Provence stierf, vochten Lance Armstrong en Marco Pantani er een boeien duel uit. Opmerkelijk was, dat de Italiaan eerst enkele keren moest lossen, maar steeds weer in zijn opmerkelijke stijl, staande op de pedalen, weer kon aansluiten bij Armstrong. De Amerikaan dicteerde het tempo, dat door Pantani slechts met moeite kon worden bijgebeend. Lance Armstrong toonde daarna zijn respect voor "de piraat" door hem de ritzege te schenken.
Met de Alpen nog voor de boeg leek de 87e Tour al beslist, want Jan Ullrich telde na de rit over de Mont Ventoux al een achterstand van bijna vijf minuten op Armstrong. Maar vooral de wijze waarop de Amerikaan de wedstrijd controleerde maakt veel indruk. Armstrong gunde enkele ploegen een succesje, zoals de Spanjaard José-Vicente Garcia Acosta, die in de 13e rit een korte solo bekroonde met de overwinning.
De etappe over de Col d'Izoard bracht geen grote verschuivingen in het klassement. Santiago Botero kreeg in deze etappe wel de beloning voor zijn inspanningen. Op de Col d'Izoard reed de Colombiaan weg bij een vluchtgroepje van acht renners en niemand bleek nog bij machte om hem daarna nog in te halen. Het leverde Botero niet alleen de ritzege, maar ook de bolletjestrui op.
Marco Pantani greep de eerste Alpenrit naar Courchevel aan om zijn geschonden prestige nog wat op te poetsen. De Italiaan reed in de beklimming naar het skidorp in zijn eentje naar de koplopers toe, die hij daarna vrij eenvoudig uit de wielen reed. Lance Armstrong maakte zich echter geen zorgen om de ontsnapte Pantani, die in het algemeen klassement al tegen een achterstand van meer dan tien minuten aankeek. De gele truidrager had meer oog voor Jan Ullrich, die in de lastige klim moest passen en daardoor zijn achterstand op Armstrong zag oplopen naar bijna zeven en een halve minuut.
In de 16e etappe van Courchevel naar Morzine speelde Marco Pantani alles of niets. De Italiaanse berggeit trok na 67 kilometer ten strijde en hij sloot aan bij de eerder ontsnapte Salvatore Commesso en Javier Pacual-Llorente. De voorsprong van Pantani, die even verder nog de steun kreeg van Fernando Escartin en Pascal Hervé, werd nooit groter dan 1 minuut en 40 seconden. Na 146 kilometer was het avontuur voor Pantani voorbij, die later in de beklimming van de Col de Joux-Plane moest lossen. De Mercatone Uno-renner kreeg last van zijn maag en verloor steeds meer terrein op het peloton. Richard Virenque pakte in Morzine de ritzege, waardoor de Tour voor de Fransman ook geslaagd was.
Marco Pantani verscheen de volgende morgen niet meer aan de start, waardoor de Tour één van zijn belangrijkste renners verloor. Met de bergen achter de rug, kroop Erik Dekker in de 17e etappe naar Lausanne weer uit zijn schulp. De Raborenner bleek over onbegrensde krachten te beschikken. In de finale demarreerde Mario Aerts en Dekker reed in één ruk de kloof dicht. Lance Armstrong probeerde de Nederlander nog te imiteren maar slaagde daar niet in. In de laatste kilometer speelde Erik Dekker een stukje blufpoker van de bovenste plank. Hij dwong Aerts in de laatste kilometer de leiding op en wachtte het goede moment af om de sprint te lanceren. Het aanstormende peloton, aangevoerd door Erik Zabel kwam een lengte tekort om Erik Dekker van zijn derde ritzege in deze Tour te houden.
De Tour was beslist. Er restten alleen nog wat kruimels om te verdelen. Salvatore Commesso klopte in Freiburg Telekom-renner Alexandre Vinokourov, terwijl Lance Armstrong in de tijdrit van Freiburg naar Mulhouse duidelijk maakte dat hij en niemand anders de beste renner in deze Tour was. In Troyes sprintte Erik Zabel eindelijk naar een ritzege, terwijl de gefrustreerde Jeroen Blijlevens er genoegen moest nemen met de derde plaats. En ook de laatste etappe op de Champs Elysées eindigde weer in een massale aankomst. Max van Heeswijk lanceerde zijn ploegmaat Stefano Zanini, die in een zetel naar de etappezege werd geloodst. Jeroen Blijlevens werd in die sprint gehinderd door Bobby Julich en dat pikte Jerommeke niet. Na de rit ging hij met de Amerikaan op de vuist. Dat leverde de Nederlandse sprinter diskwalificatie op, waardoor hij uit het eindklassement van de Tour werd geschrapt.
Klik hier voor portret van Lance Armstrong
publicatiedatum: 19-03-2003
|
|