Erik Dekker kiest klassiek moment
De aanval in de achtste etappe was volgens Erik Dekker beslist geen toevalstreffer, maar een tactisch sterke zet. De Rabobank-renner noemt het zelfs een “klassiek moment”. “De zes gingen er vandoor aan het einde van de ravitaillering. Dan ziet iedereen toch wat met z’n etenszakje te klooien en valt het tempo snel terug. Ik ben er daarom snel naar toe gereden, want ik besefte dat het de beslissing zou kunnen zijn”, vertelde de uit z’n as herrezen Dekker. Een week geleden gaf niemand na zijn val in de eerste rit nog een stuiver voor de winnaar van de wereldbeker. Maar de Drent kan als geen ander afzien en knokte zich door de moeilijke momenten. Het leverde de Rabobank-ploeg het eerste succes op in deze 89e Tour de France.
In de finale moest Erik Dekker lossen, toen de Let Raivis Belohvosciks op een heuvel demarreerde. Maar Dekker gaf zich niet gewonnen en knokte terug. “Natuurlijk moest ik toen denken aan de Ronde van Vlaanderen van 2001, toen mij hetzelfde overkwam. Ook toen kon ik nog terugkomen en voor de overwinning sprinten. Dat spookte door mijn hoofd en gaf mij de kracht om door te knokken. Want ik wist ook, dat Karsten mijn hulp goed zou kunnen gebruiken. Ik ban nog maar op tachtig procent van mijn mogelijkheden. Dan kun je wel met een kopgroep meerijden, maar zelf demarreren zat er nog niet in. Ik heb het wel geprobeerd om de concurrentie af te matten en zo Karsten in een ideale positie te manoeuvreren. Dat was ook afgesproken. Ik zou demarreren, dan zouden de anderen zich daar wel stuk op rijden en dan moest Karsten in de sprint toeslaan. Belohvosciks reed wel sterk, maar ook dom en daar hebben we van kunnen profiteren.”
Erik Dekker was trots op Karsten Kroon, omdat zijn jonge ploegmaat de klus knap had afgemaakt. “Karsten is een potentiële aanvaller, die ook nog eens rap is. Hij is een typische renner voor de Tour. Ik heb in de finale geprobeerd om hem zoveel mogelijk op z’n gemak te stellen.”
publicatiedatum: 14-07-2002
|